samen slapen

Lily wordt in januari twee. En ze drinkt nog steeds borstvoeding. Ja, nog stééds. En nee, niet zo nu en dan een keertje als ze ziek is, maar minstens drie keer per dag.

Zo, nu kun je je kaak weer van de vloer rapen en je wenkbrauwen laten zakken.

Ooit heb ik ervoor gekozen om borstvoeding te geven en – tja – nu is ze bijna twee. Er is niets veranderd. Het is gewoon zo voortgekabbeld. Ik ben helemaal tevreden over hoe het is gegaan en hoe het nu is. Toch heb ik het gevoel alsof ik me moet verantwoorden of verontschuldigen. Alsof ik moet ‘bekennen’ dat zij nog zo vaak drinkt. Terwijl het niemand kwaad doet en bovendien heel normaal is! Toch?

Continue reading Peutermelk

Read more

Lily slaapt al een hele tijd bij ons in bed. Dat vinden wij helemaal niet erg en stiekem zelfs juist hartstikke gezellig, maar ze wordt steeds groter en hoewel een kleine babyvoet in je rug juist heel schattig en leuk is, kan een dreumesvoet best oncomfortabel zijn! We willen dus graag dat ze wat vaker in haar eigen bedje gaat slapen.

Lily slaapt echter heel slecht in haar ledikantje. ‘s Nachts slaapt ze daar nooit en overdag soms, maar ze wordt vaak wakker doordat ze bijvoorbeeld haar hoofd stoot tegen de spijlen of met haar been vast komt te zitten. Ik heb het idee dat ze zich ook opgesloten voelt in het ledikant. Een tweede probleem is dat ze niet zelf in slaap kan vallen maar ik of mijn vriend er altijd naast moet liggen. Dat kan niet met een ledikantje (hoewel ik het wel eens heb overwogen om er bij te kruipen). Ook het wegleggen-nadat-ze-in-slaap-is-gevallen ging niet, omdat je zo’n end moet bukken – over het hekje heen, tot op het matras – dat Lily altijd wakker werd als ik dat probeerde.

Op de grond

Een week of twee geleden zagen wij opeens het licht. We halen het ledikant weg en laten het matras liggen! Voor de ventilatie laten we de lattenbodem wel liggen, maar verder ligt het matras hartstikke op de grond. Zo voelt Lily zich niet meer opgesloten én kan ik haar gemakkelijk wegleggen. Bovendien kan ik er voor het in-slaap-vallen naast gaan liggen! Als ik daarna wegsluip naar de woonkamer hoeven we ook niet bang te zijn dat ze in haar slaap van het grote bed af schuift (wat overigens nooit is gebeurd, ook niet bijna). Ideaal, dus!

Continue reading Montessori-bed

Read more

In de afgelopen week zijn veel veranderingen geweest voor Lily en mij. Lily ging voor het eerst naar het kinderdagverblijf en ik ging voor het eerst werken. Tot nu was ik altijd thuisblijfmoeder. Lily was praktisch altijd bij mij. En anders bij Opa, Oma of Papa. Maar maandag was ze ineens bij mensen die ze niet kende – de leidsters van het kinderdagverblijf – en ik ging weg.

Achtergrondmuziekje voor deze blog: hier.

De eerste keer

De eerste dag ‘wennen’ bij het KDV ging een beetje raar. Ik zou om 9.00 uur een intakegesprek hebben met de coördinerende persoon van het KDV. Dat zou een half uur duren en dan zou ik afscheid kunnen nemen van Lily en naar Vluchtelingenwerk gaan. Daar had ik mijn laatste dagje. Maar het ging een beetje raar… Ik was keurig op tijd, maar de mevrouw die de intake zou doen was er pas om 9.15 uur. Shit. Daar ging het al. Lily was na een kwartiertje kat-uit-de-boom-kijken al lekker aan het spelen dus ik en de intakemevrouw gingen in een aparte kamer zitten voor de intake. “Ik ga even daarheen, Lily,” zei ik. “Ik ben zo terug.” Vond ze prima.

De intake liep uit en toen we klaar waren had ik eigenlijk al in de auto moeten zitten naar Vluchtelingenwerk. Shit. Wat moest ik nou? Moest ik nou nog terug, Lily laten weten dat ik er nog was maar dat ik nu weg ga? Of moest ik maar gewoon gaan? Normaal bestaat ons afscheid uit knuffels en woorden als “Mama gaat nu weg, jij blijft lekker bij [naam van oppas] spelen en ik kom je vanmiddag weer ophalen.” Nu had ik Lily gezegd dat ik even in de andere kamer was en zo terug zou zijn. Volgens mij begrijpt Lily dat hartstikke goed en zou ik er dus een leugen van maken als ik nu weg zou gaan.

“Kan jij even kijken hoe het met haar gaat?”

“Of ik nog een keer doei moet zeggen,” vroeg ik aan de intakemevrouw. “Dan ziet ze me niet.” De intakemevrouw ging even kijken. Ze vertelde dat Lily nu net even een beetje verdrietig was en dat als ik nu nog terug ging, het verwarrend zou zijn voor haar. Ik legde de intakemevrouw uit waarom ik twijfelde maar ze dacht toch dat ik beter gelijk kon gaan. Dat deed ik. Ik had immers geen tijd om Lily éérst te troosten en vervolgens nog uitgebreid afscheid te nemen. Dan zou ik moeten haasten en dan zou ze zeker over de zeik raken. Ik ging dus.

Continue reading Schuldgevoel

Read more

Wij zijn geboren met de vaardigheid snel te kunnen oordelen over iets en iemand. Is dit veilig of gevaarlijk? Is dit een vriend of vijand? Fight or flight? Deze vaardigheid werkt ons soms een beetje tegen, namelijk in de vorm van vooroordelen. We oordelen over iemand op basis van een voorspelling die we maken aan de hand van informatie die we over hen hebben. Die informatie schiet echter vaak tekort en is niet (helemaal) voorspellend voor de eigenschappen waarover we willen oordelen. Daar komt dan ook, heel basaal, discriminatie vandaan. In een minder drastische vorm zorgt het ook voor groepsvorming en polarisatie. Dat wat we kennen vinden we steeds fijner en dat wat onbekend is vinden we niks. Dit is vaak deels gebaseerd op vooroordelen en aannames, die dus bijna nooit een goede afspiegeling zijn van de realiteit. De ‘wij’ en ‘zij’ worden karikaturen (vooral de ‘zij’) waarover we dénken van alles te weten.

Eenheid

Ik kom dit ook tegen onder moeders. ‘Wij’ en ‘zij’-kampen. Aan de ene kant is het natuurlijk fijn om gelijkgestemden te vinden en met hen te praten over dat wat jullie gemeen hebben. Maar aan de andere kant worden de verschillen tussen de groepen vergroot, wat ons bijna doet denken dat we elkaar nooit zullen begrijpen. Alsof de ene groep verschilt van de andere, meer dan een individu verschilt van een andere individu. Dat is niet waar. Ik heb nog nooit een moeder ontmoet die alles precies zo doet als ik. Ik heb ook nog nooit een moeder ontmoet met wie ik níets gemeen heb. We delen allemaal wat en we verschillen allemaal van elkaar.

In deze verscheidenheid zijn wij één.

Juist in het moederschap vind ik het zo jammer dat er negativiteit is omtrent onze verschillen. Ik denk dat het komt uit een goed hart – als moeder heb je op een gegeven moment gevonden wat volgens jou het beste is. Dat wil je delen. Je wil ook dat het kindje van een ander het goed heeft. En je wil een ander helpen jouw ‘licht’ te vinden. Helaas denken we er niet altijd bij na dat het beste voor ons niet vanzelfsprekend het beste is voor een ander en kunnen onze ongevraagde adviezen beledigend of kwetsend overkomen. Die andere moeder dacht immers ook op het goede spoor te zijn. Een gevoelig onderwerp dus.

Het moederschap is zo intens, zo belangrijk, zo mooi en zo zwaar. Alle moeders delen iets heel belangrijks: we houden allemaal grenzeloos veel van ons kind. En we doen ons stinkende best om hen het allerbeste te geven. We zouden één front moeten zijn. Een zusterschap. Een sterke groep vol liefde en steun.

Verscheidenheid

Om wat inzicht te krijgen in onze verschillen, te helpen elkaar wat beter te leren begrijpen en onze verschillen te omarmen, heb ik een onbegrensd gesprek gehad met vriendin Elsa, over onze verschillende versies van het moederschap. Wij zijn bijna tegelijkertijd moeder geworden en hebben bijna niets het zelfde gedaan – toch vinden we de ander een top-moeder! Continue reading Moederschap, een zusterschap – deel 1

Read more