mama

Buiten is het koud. En nat. Goede reden om binnen te blijven. Of niet? Zelfs in deze dagen van gure wind en ijsel, ga ik elke dag met Lily naar buiten. Laarzen aan, muts op – en gaan!

Toen Lily nog maar net een maandje of twee oud was, kwam ik – zoals ik sinds mijn pubertijd elke winter had gedaan – in een dipje. Ik was moe en droevig, maar wist niet waarom. Dit jaar wilde ik dat echter niet pikken. Ik had Lily en ik zou niet als een sombere zak naast haar gaan zitten mokken! Binnen zitten zou dat er niet beter op maken. Bovendien liet Lily me geen keus. Al op hele jonge leeftijd had Lily duidelijk gemaakt dat zij niet wenste binnen te blijven. Zij werd chagrijnig en begon om niets te jammeren, tot we met haar naar buiten gingen. Dan was het gemopper in no time verdwenen. Alsof ze wou zeggen:

“Laarzen aan, muts op – en gaan!”

En dat deed ik. Niet zeuren, maar gaan. “Maar waar moet ik dan heen? Wat moet ik dan doen?” dacht ik dan. En dan jengelde Lily weer. Oké. Niet denken, maar doen. Ik pakte dat wat ik voor Lily nodig had en ging. Gewoon. Naar buiten.

Continue reading Oer 3.

Read more

Lily wordt in januari twee. En ze drinkt nog steeds borstvoeding. Ja, nog stééds. En nee, niet zo nu en dan een keertje als ze ziek is, maar minstens drie keer per dag.

Zo, nu kun je je kaak weer van de vloer rapen en je wenkbrauwen laten zakken.

Ooit heb ik ervoor gekozen om borstvoeding te geven en – tja – nu is ze bijna twee. Er is niets veranderd. Het is gewoon zo voortgekabbeld. Ik ben helemaal tevreden over hoe het is gegaan en hoe het nu is. Toch heb ik het gevoel alsof ik me moet verantwoorden of verontschuldigen. Alsof ik moet ‘bekennen’ dat zij nog zo vaak drinkt. Terwijl het niemand kwaad doet en bovendien heel normaal is! Toch?

Continue reading Peutermelk

Read more

Een paar blogposts geleden had ik het al over ‘Oer’. Ik had het toen over het Oergevoel, ofwel ons instinct, waarmee we helaas de connectie lijken te zijn verloren. We kunnen wel wat meer verbinding met onze innerlijke oer gebruiken. Maar ook met de oer buiten onszelf, Moeder Natuur zelve, kunnen we wel wat meer verbinding gebruiken.

De meesten van ons leven in stenen huizen, lopen op geasfalteerde straten, zitten en slapen hoog, reizen op wielen en kijken naar schermen. Al deze dingen zijn min of meer onontkoombaar in onze maatschappij, maar ik denk dat we ons te snel over geven. Meer dan je zou denken hebben we hier zelf van alles in te kiezen. We hebben keuzevrijheid. Het probleem met keuzevrijheid is dat je je er bewust van moet zijn om er gebruik van te kunnen maken.

Continue reading Oer 2.

Read more

Ik houd van bankhangen. Lekker niks doen. Liever lui dan moe. Maar áls ik een sport zou moeten kiezen, kies ik kickboksen. En dan vooral lekker hard tegen hard. Blauwe plekken, verzuurde spieren – dat soort dingen.

Ik ben positief ingesteld. Ik ben vergevingsgezind, tolerant… Maar áls ik boos ben, ben ik echt pissed. Mijn moeder zei vroeger niet voor niets: “Als blikken konden doden”.

Ik ben alles of niets. Het ene of het andere uiterste. Continue reading Alles of niets

Read more

In de afgelopen week zijn veel veranderingen geweest voor Lily en mij. Lily ging voor het eerst naar het kinderdagverblijf en ik ging voor het eerst werken. Tot nu was ik altijd thuisblijfmoeder. Lily was praktisch altijd bij mij. En anders bij Opa, Oma of Papa. Maar maandag was ze ineens bij mensen die ze niet kende – de leidsters van het kinderdagverblijf – en ik ging weg.

Achtergrondmuziekje voor deze blog: hier.

De eerste keer

De eerste dag ‘wennen’ bij het KDV ging een beetje raar. Ik zou om 9.00 uur een intakegesprek hebben met de coördinerende persoon van het KDV. Dat zou een half uur duren en dan zou ik afscheid kunnen nemen van Lily en naar Vluchtelingenwerk gaan. Daar had ik mijn laatste dagje. Maar het ging een beetje raar… Ik was keurig op tijd, maar de mevrouw die de intake zou doen was er pas om 9.15 uur. Shit. Daar ging het al. Lily was na een kwartiertje kat-uit-de-boom-kijken al lekker aan het spelen dus ik en de intakemevrouw gingen in een aparte kamer zitten voor de intake. “Ik ga even daarheen, Lily,” zei ik. “Ik ben zo terug.” Vond ze prima.

De intake liep uit en toen we klaar waren had ik eigenlijk al in de auto moeten zitten naar Vluchtelingenwerk. Shit. Wat moest ik nou? Moest ik nou nog terug, Lily laten weten dat ik er nog was maar dat ik nu weg ga? Of moest ik maar gewoon gaan? Normaal bestaat ons afscheid uit knuffels en woorden als “Mama gaat nu weg, jij blijft lekker bij [naam van oppas] spelen en ik kom je vanmiddag weer ophalen.” Nu had ik Lily gezegd dat ik even in de andere kamer was en zo terug zou zijn. Volgens mij begrijpt Lily dat hartstikke goed en zou ik er dus een leugen van maken als ik nu weg zou gaan.

“Kan jij even kijken hoe het met haar gaat?”

“Of ik nog een keer doei moet zeggen,” vroeg ik aan de intakemevrouw. “Dan ziet ze me niet.” De intakemevrouw ging even kijken. Ze vertelde dat Lily nu net even een beetje verdrietig was en dat als ik nu nog terug ging, het verwarrend zou zijn voor haar. Ik legde de intakemevrouw uit waarom ik twijfelde maar ze dacht toch dat ik beter gelijk kon gaan. Dat deed ik. Ik had immers geen tijd om Lily éérst te troosten en vervolgens nog uitgebreid afscheid te nemen. Dan zou ik moeten haasten en dan zou ze zeker over de zeik raken. Ik ging dus.

Continue reading Schuldgevoel

Read more

Vorige week had ik het al over de ‘wij’ en ‘zij’-kampen in het moederschap. Het lijkt wel alsof we denken dat borstvoedende moeders allemaal hetzelfde zijn. En dat moeders uit Kamp Borstvoeding niets gemeen hebben met de moeders uit Kamp Kunstvoeding. Dat is natuurlijk niet waar. Dat je één eigenschap deelt met iemand, betekent natuurlijk niet dat jullie verder ook hetzelfde zijn.

Het in-hokjes-stoppen gebeurt grotendeels onbewust. Als je er bewust over nadenkt weet je best wel dat we groepen niet over één kam moeten scheren. Er zijn verschillen tussen mij en andere borstvoedende moeders en er zijn overeenkomsten tussen mij en kunstvoedende moeders. We zijn allemaal individuen en zijn daarom eindeloos verschillend. Ik ben niet mijn hokje en ik ben niet niet als iemand uit dat andere hokje. Iedereen wil uniek zijn. Jij bent jij om redenen dat jij jij bent en dat maakt jou speciaal – toch?!

Waarom denken we dan dat het slecht is om anders te zijn/het oneens te zijn?

Mijn moeder is één van de mensen wiens opvattingen nogal kunnen afwijken van de mijne. We zijn op veel vlakken heel verschillend. En soms zijn we vreselijk hetzelfde. We zijn het vaak oneens, maar soms begrijpen we elkaar juist als geen ander. Dit bleek ook uit het gesprek dat wij van de week hadden over opvoeden en ouderschap.

Continue reading Moederschap, een zusterschap – deel 2

Read more