Schuldgevoel

In de afgelopen week zijn veel veranderingen geweest voor Lily en mij. Lily ging voor het eerst naar het kinderdagverblijf en ik ging voor het eerst werken. Tot nu was ik altijd thuisblijfmoeder. Lily was praktisch altijd bij mij. En anders bij Opa, Oma of Papa. Maar maandag was ze ineens bij mensen die ze niet kende – de leidsters van het kinderdagverblijf – en ik ging weg.

Achtergrondmuziekje voor deze blog: hier.

De eerste keer

De eerste dag ‘wennen’ bij het KDV ging een beetje raar. Ik zou om 9.00 uur een intakegesprek hebben met de coördinerende persoon van het KDV. Dat zou een half uur duren en dan zou ik afscheid kunnen nemen van Lily en naar Vluchtelingenwerk gaan. Daar had ik mijn laatste dagje. Maar het ging een beetje raar… Ik was keurig op tijd, maar de mevrouw die de intake zou doen was er pas om 9.15 uur. Shit. Daar ging het al. Lily was na een kwartiertje kat-uit-de-boom-kijken al lekker aan het spelen dus ik en de intakemevrouw gingen in een aparte kamer zitten voor de intake. “Ik ga even daarheen, Lily,” zei ik. “Ik ben zo terug.” Vond ze prima.

De intake liep uit en toen we klaar waren had ik eigenlijk al in de auto moeten zitten naar Vluchtelingenwerk. Shit. Wat moest ik nou? Moest ik nou nog terug, Lily laten weten dat ik er nog was maar dat ik nu weg ga? Of moest ik maar gewoon gaan? Normaal bestaat ons afscheid uit knuffels en woorden als “Mama gaat nu weg, jij blijft lekker bij [naam van oppas] spelen en ik kom je vanmiddag weer ophalen.” Nu had ik Lily gezegd dat ik even in de andere kamer was en zo terug zou zijn. Volgens mij begrijpt Lily dat hartstikke goed en zou ik er dus een leugen van maken als ik nu weg zou gaan.

“Kan jij even kijken hoe het met haar gaat?”

“Of ik nog een keer doei moet zeggen,” vroeg ik aan de intakemevrouw. “Dan ziet ze me niet.” De intakemevrouw ging even kijken. Ze vertelde dat Lily nu net even een beetje verdrietig was en dat als ik nu nog terug ging, het verwarrend zou zijn voor haar. Ik legde de intakemevrouw uit waarom ik twijfelde maar ze dacht toch dat ik beter gelijk kon gaan. Dat deed ik. Ik had immers geen tijd om Lily éérst te troosten en vervolgens nog uitgebreid afscheid te nemen. Dan zou ik moeten haasten en dan zou ze zeker over de zeik raken. Ik ging dus.

Ik weet nu nog steeds niet of dat de juiste keuze is geweest. Ik denk dat beide keuzes rot waren.

Er bestaat geen leuk afscheid.

‘There’s nothing good about a goodbye. It’s a very poorly named ritual.
It was a bad-bye… a very bad-bye!’

quote uit de altijd toepasselijke serie Gilmore Girls.

Lily heeft die eerste, halve dag continu gezocht naar mij. De leidsters moesten met haar naar alle kamers om te kijken of ik daar niet was. En als één van de twee leidsters weg ging, raakte Lily in paniek.

Wat een rotdag. Wat een trauma. ‘s Avond was ik het nog steeds aan het verwerken. En Lily ook, geloof ik.

De tweede keer

Twee dagen later was de tweede en laatste dag ‘wennen’. Ik had die dag ervoor nog even gebeld met het KDV en afgesproken dat Lily zou (proberen te) blijven slapen. Dat moet ze immers de volgende keer ook, als ze voor de eerste keer écht blijft. Tijdens de intake had ik uitgelegd dat Lily niets heeft met een speen en een knuffel. Eigenlijk wil ze vooral bij íemand zijn – naast je in bed, in je armen, op schoot… Ik heb ook verteld en met hoofdletters opgeschreven:

NIET laten huilen, dat is ze NIET gewend en het zal ook NIET helpen met in slaap komen!

‘s Middags, een uurtje na bedtijd, werd ik gebeld door het KDV. Of ik Lily wou komen halen. Ze was aan de eettafel half in slaap gevallen en toen ze haar in een bedje wilden leggen, werd ze boos. Krijsen dus. Ik hoorde haar op de achtergrond – voluit – dus ging bijna rennend de deur uit.

Zodra Lily me zag, stopte ze met krijsen. Ik nam haar in mijn armen en ze was stil. Gelijk ging er een hand in mijn shirt – ze wilde drinken. De leidster vertelde dat Lily amper had gegeten.

Huilen

Ondertussen was een ander kindje, een jongetje, wakker geworden en gaan krijsen. Ze haalden hem uit de slaapkamer en brachten hem naar een aparte slaapkamer, waar Lily had gelegen. De leidster vertelde me dat het jongetje ook een huiler was (net als Lily) en dat ze huilers altijd apart leggen, voor de andere kindjes. Begrijpelijk. Maar waarom hadden ze Lily daar gelegd dan? De leidster vertelde dat ze Lily even 10 minuutjes hadden laten huilen. “Sommige kindjes moeten zichzelf gewoon in slaap huilen.” Daar gingen mijn neusvleugels van overeind staan. Ze hadden Lily dus 10 minuten laten krijsen. Waarom?! Ik had toch g&dv%rd#mm* gezegd dat ze dat NIET moesten doen!?

“Huilen veroorzaakt een stijging van de cortisolspiegel in het lichaam. Cortisol is een hormoon dat aangemaakt wordt onder invloed van stress. Als de cortisolspiegel vaak of lang verhoogd is, heeft dat een nadelige invloed op de ontwikkeling van de hersenen en daarmee ook op het latere leven van de baby.”

– quote van La Leche League.

Misschien moeten sommige kinderen zich in slaap huilen. Best. Misschien is dat wel waar. Maar ik heb je gezegd dat MIJN KIND dat dus niét doet! Die raakt alleen maar over de zeik! En bovendien geloof ik er niet in een kind te laten huilen in zijn eentje. Alleen in een bed. Als een baby huilt, is dat misschien niet te voorkomen, maar je kunt hem er wel bij steunen. Troosten. Warmte en geborgenheid bieden. Zorgen dat hij, ondanks de reden voor het huilen, weet dat hij veilig is. Dat hij er niet alleen voor staat.

Maar nee, lekker mijn kind, dat al moeite heeft met het hele KDV gebeuren (want ze is immers bijna anderhalf en heeft nog nooit in een KDV gezeten – dit weten zij ook) en het niet gewend is om alleen in slaap te vallen, in een bedje laten janken voor 10 fucking minuten. Licht uit, deur dicht. Troost jezelf maar. Niet zo aanstellen. Slapen.

Ik werd er kwaad om maar ik weet dat ik nog moet samenwerken met deze dames, dus ik hield mijn mond. Voordat ik ging legde ik nog wel uit dat ik het niet zo’n goed idee vind om haar te laten huilen. Hooguit 5 minuutjes zeuren, maar ze maakt zichzelf alleen maar overstuur. Dan maar niet slapen. Of even op schoot nemen. Kom op, het zijn de eerste keren. Gun dat kind wat geborgenheid en een iets soepelere overgang. Je kunt ook je broodje eten met mijn kind op je schoot.

Volgende keer

Maandag gaat Lily voor het eerst een hele dag naar het KDV. Ik ben dan een half uur bij haar vandaan. Ze zal daar dus moeten blijven als alle kindjes gaan slapen. De leidsters zullen proberen haar op bed te leggen en zij zal over de zeik raken. Nee, wacht.

Misschien zullen ze naar me luisteren.

Ik zal de leidsters die ochtend vragen of ze haar op schoot willen houden. Natúúrlijk zal ik ze niet vragen dit de komende 25 keer te doen. Maar misschien wel de komende twee of drie keer. Gun dat kind wat geborgenheid. Geen tough love.

Veilig gehecht

Lily is ontzettend veilig gehecht (zie Bowlby’s Hechtingstheorie en hechtingstypen). Ze is ontzettend sociaal, voelt zich veilig, vertrouwt mensen en durft alles – zeker wanneer Mama, Papa, Opa of Oma er bij is. Ik kan haar achterlaten en zij zal er op vertrouwen dat ik terug kom.

Maar een (halve) dag in het KDV voelt als verraad. Ik verbreek onze code. Ik ben er niet voor haar in die tijd. Ik laat haar achter op een plek waar ze het grotendeels zelf moet doen. ‘Zoek het maar uit’ – althans, zo komt het (denk ik) op haar over.

“Je zou er toch altijd voor me zijn?!”

Zo kijkt ze naar me als ik haar smekend en jankend achterlaat in de armen van de leidster. Ik moet er nu nog om janken. Fuck. Kon ik haar maar uitleggen wat er gebeurde. Maar dat begrijpt ze nu nog niet. Ze begrijpt wél dat ik wegga en haar achterlaat, maar ze begrijpt nog niet dat ik óók weer terugkom. Laat staan waaróm ik haar daar achterlaat. En waarom het niet erg is (toch?).

Wat voel ik me dan een kutmoeder. Sorry voor mijn taal, maar ‘rotmoeder’ dekt de lading niet. Ik verraad mijn dochter en haar vertrouwen in mij.

Ben ik nu onze veilige hechting aan het verpesten? 

Kon ik maar in de toekomst kijken. Naar het moment dat zij in de puberteit zit en onze relatie op z’n slechtst is. Als iemand dan ook maar zou dénken ‘je had haar toen niet zo achter moeten laten’, dan zou ik alles anders doen. Het welzijn van mijn dochter gaat voor alles. Dan maar minder voortgang op werkgebied. Wat is er nou belangrijker? Kinderen met hechtingsproblematiek krijgen later vaak last van persoonlijkheidsproblematiek (zie hier). Een stom KDV zal niet alles doen omkeren, maar wat nou als het een druppel is? De Druppel? Weet ik veel wat we in de toekomst nog voor de kiezen krijgen. Alles moet zo goed mogelijk als het aankomt op je kinderen! En waar ligt de grens? Wanneer loopt die emmer over?

Ik weet het niet. Niemand weet het. We doen allemaal maar wat.

Fuk.

3 Comments, RSS

  1. joanne 30 June, 2016 @ 12:35

    Hoe gaat het ondertussen met Lilly op het kdv? wij gaan binnenkort ook starten en ik vind het superspannend.

    • Marieke 30 June, 2016 @ 13:27

      Hallo Joanne,

      Inmiddels gaat het stukken beter op het KDV! Zowel voor Lily als voor mij.
      Ik denk dat ze nu vijf keer is geweest. De tweede en derde dag hebben ze haar in de wandelwagen buiten gezet (kap gewoon omhoog, rugleuning rechtop, zoals ik had geadviseerd) en zo is Lily toen in slaap gevallen! Dat was al een hele opluchting. Ten eerste omdat de leidsters dus wilden meeveren met Lily’s behoeften. Ten tweede dat Lily zich veilig genoeg voelt om in slaap te vallen. Bovendien kan ze dan de rest van de dag ook een stuk meer hebben, natuurlijk. De vierde keer hebben ze haar in een bedje gelegd. Het licht moest aanblijven van Lily en dat hebben ze ook gedaan (ze lag op een ‘privé kamer’). Ze heeft tien minuutjes gespeeld en toen was het ineens stil – ze sliep. De laatste (vijfde) keer dat Lily bij het KDV was, hebben ze haar weer in het bedje gelegd. Ze heeft er twee uur lang geslapen! Dat is heel wat want meestal slaapt Lily overdag maar een uurtje.
      Er was dus al heel snel verbetering. En er was meer verbetering dan ik had gedacht! Ik had er geld op kunnen wedden dat ze nóóit in zo’n bedje in slaap zou vallen, maar na vier keer was dat wel het geval.
      Het cliché lijkt waar te zijn – in het KDV gaan de kindjes met het ritme mee. Alle kindjes gaan slapen, dus jouw kindje ook.

      Het doet nog steeds pijn om haar achter te laten. Zodra ik zeg dat ik wegga, moet Lily huilen. Heel hard. Maar dat kan ze ook als er mensen bij ons thuis de deur uit gaan en zij mag niet mee. Om het hoekje blijf ik altijd even wachten en dan hoor ik dat Lily binnen een minuut of twee alweer rustiger wordt. Dan even diep zuchten en richting werk.
      Ik merk wel dat ik het heel fijn vind dat ze maar één dag per week gaat. En dat ik na die dag twee dagen vrij heb. Kunnen we ons knuffelquotum weer even inhalen. 😉

      Hoe oud is jouw kindje? Spannend hoor! Succes…

      Groetjes,
      Marieke

  2. joanne 1 July, 2016 @ 19:31

    Ha Marieke! wat fijn dat het zo relatief snel beter gaat!
    Ons kindje is nu 7,5 maand oud, we denken erover om haar in aug naar de opvang te brengen, dan is ze bijna 9 maanden. We zijn deze week voor de tweede keer gaan kijken maar twijfelen nog steeds. Aanvankelijk wilden we haar totdat ze 1 is thuis houden namelijk. Nouja we denken er nog over na, mijn vriend is het meeste thuis met ons dochtertje en hij zou haar het liefst nog wat langer dan die 9 maanden thuis houden.
    Wij horen ook dat 1 dag in de week lastig kan zijn, omdat het kindje dan elke week weer opnieuw moet wennen. Maar dat lijkt bij Lily dus wel mee te vallen?
    Ja slapen vind ik zelf ook heel spannend, hier thuis is het lekker stil; kan ze wel slapen in een kamer met andere kindjes?
    Ach, je komt er pas achter als je het gaat proberen natuurlijk.
    Dank voor je uitgebreide reactie!

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*