Grote zus

In maart ben ik voor de tweede keer moeder geworden. Daarmee is Lily de Grote Zus (heel belangrijke titel) geworden van Luna en oh, wat is ze trots. Ze is gek op haar kleine zusje. Gelukkig maar, dacht ik, want je hoort wel van die verhalen dat de oudste jaloers is op de kleinste en ze die baby liever weg hebben. Maar toch had ze het ook heel zwaar, de eerste dagen. Dit had ik niet aan zien komen…

De kraamweek; de chaos

Lily was zó blij met haar zusje dat ze gelijk alles samen wilde doen. De eerste avond, toen we gingen avondeten, riep Lily blij: “En dan gaat Luna in de kinderstoel!”. Tja, ehm, dat moesten we even uitleggen. De volgende dag wilde Lily zo graag met mij en Luna naar de speeltuin. Ze wilde haar zusje alles laten zien en omdat ik nog niet zo mobiel was én Luna de eerste dagen nog niet naar buiten mocht, had Lily een hoop teleurstelllingen te verwerken.

Papa kon gelukkig veel leuks met haar doen, maar Mama zat maar thuis. Als ik denk aan hoe het voor haar gevoeld moet hebben, kan ik nog steeds verdrietig worden. We deden altijd alles samen, zij en ik. We waren beste vrienden. Dat was nu toch nog steeds zo? Toch liet ik haar nu steeds in de steek. “Vraag maar of Papa met je mee wil,” is iets wat ik voor mijn gevoel té vaak heb gezegd. Maar ik kon niet veel anders. “Ik moet nu bij Luna blijven,” of “Nee, schat, sorry. Ik ben echt te moe.” Het schuldgevoel bekruipt me nu nog, als ik er aan terugdenk.

Ik liet haar in de steek.

Dit voelde extra naar omdat ze juist zó een schat was. Ze wilde de beste grote zus zijn maar ze kon heel veel dingen niet, of in haar ogen mocht ze het niet. Wat heerlijk toch, dat die Grote Zus met haar kleine zus wilde spelen en haar trots wilde laten zien hoe leuk de wereld is en wat de Grote Zus al allemaal kan en durft. Want éindelijk was dan dat zusje uit die buik, die buik die ze zo vaak had gekust en geaaid, tegen had gepraat en gezongen… en nog moest Lily geduldig zijn.

Dat ze de hele dag zo geduldig en begripvol en dapper moest zjjn, had in de avond zijn weerslag. Zodra we in ons (familie)bed stapten, flipte Lily helemaal. Zo had ik haar nog nooit gezien en ik herkende haar ook niet. Ze begon te schreeuwen en te huilen en wild om zich heen te slaan. Alles wat ze zij was schreeuwend en ook als ze kreeg waar ze om had ‘gevraagd’, bleef ze er om schreeuwen. Het leek wel alsof ze bezet was. Alsof er geen contact meer tussen haar en de wereld om haar heen.

We mochten haar niet aankijken, niet tegen haar praten en voorál mochten we haar niét aanraken. We gaven haar haar fles warme havermelk zoals gewoonlijk en ik lag naast haar, beschikbaar als ze wilde. Ze schreeuwde dat ze niet in bed wilde liggen maar ondertussen kroop ze lekker tegen me aan. Maar ik mocht niets doen of zeggen. Huilend of zelfs schreeuwend viel ze in slaap.

De derde avond dat dit zo ging, brak ik. Ik barstte in tranen uit en jankte met haar mee. Ik voelde haar pijn en bovendien mijn onmacht en schuldgevoel. Zelfs mijn vriend hield het niet droog. Daar lagen we dan, met ons vieren (Luna sliep overigens overal heerlijk doorheen), te janken. Dit gaf wel een doorbraak, want eindelijk leek Lily te bereiken. “Waarom doe je dat?” vroeg ze. “Waarom ik huil?” En ik legde haar uit dat ik huilde omdat zíj verdrietig is en ik haar zo graag wil helpen maar ik weet niet hoe. Toen ging de deur open om te praten over wat er in haar hoofdje omging. Wat een opluchting. Toen ze de volgende dag ook voor het eerst in dagen weer een dutje (van drie uur) had gedaan, kon ze weer wat meer hebben. Ze leek wel te zijn ‘gereset’. De avonden verliepen steeds rustiger en ik zag steeds meer van mijn Lily weer terug.

Twee is te veel?

Eenmaal weer in balans qua slaapuren, kon Lily steeds meer haar eigen ik zijn en haar eigen ding doen binnen de vernieuwde thuissituatie. De focus op Luna vertroebelde wat en de aanwezigheid van een nieuw mens in ons gezin werd steeds normaler.

We zijn zo gezegend geweest dat niet alleen Luna, maar ook ik, snel waren hersteld naar de geboorte. Gelukkig maar, want dan kon mijn band met Lily ook weer gaan herstellen. Toen de chaos-fase van de kraamweek voorbij was en Lily weer meer zichzelf werd, merkte ik een afstand tussen haar en mij. Jotte (mijn vriend) had haar zorg in zo een grote mate overgenomen en ik had me zo moeten focussen op Luna  (en mezelf) dat die magische band tussen Lily en mij was vervaagd. De magie leek er af.

Allerlei onzekerheden schoten door mijn hoofd: ben ik onze band voorgoed kwijt; heb ik dit laten gebeuren; ben ik te veel op Luna gericht geweest; heb ik Lily verwaarloosd; heb ik haar ingeruild voor het ‘nieuwe speeltje’; heb ik haar vertrouwen geschonden…? Te veel vragen om op te noemen. Ze kwamen allemaal neer op:

Ben ik een slechte moeder?

Het is de vraag die bij iedere moeder vroeg of laat voorbijkomt en het is waarschijnlijk haar grootste angst. Even dacht ik dat twee te veel zou zijn. Dat ik die magische band met Lily zou moeten opgeven om er één te kunnen vormen met Luna.

Tijd en aandacht

Natuurlijk wilde ik dat niet en ik zou het me niet laten gebeuren. Dus ik investeerde extra veel van die magische ingrediënten in onze band, die ingrediënten die onze band in eerste instantie zo magisch had gemaakt: Tijd en Aandacht. Voor wat ze deed, wat ze zei, wat ze maakte, waar ze naar keek… En ik was er fysiek ook weer voor haar. Ten eerste kon ik eindelijk weer met mijn reet van die bank af komen, maar ik kon haar nu ook weer naar de peuterspeelzaal brengen en samen en treinbaan bouwen.

Nu, vijf weken later,  merk ik dat ik mijn oudste dochter steeds wat meer terug krijg. Onze band krijgt steeds wat van zijn magie terug. Of is het nieuwe magie, een nieuw soort band? We zijn immers allemaal een beetje veranderd toen ons gezin veranderde. We zijn elkaar (en onszelf?) weer aan het vinden. En ik voel dat het goed zit. Zij en ik, wij hebben een speciale band. En deze gebeurtenis zal die band uiteindelijk alleen maar sterker hebben gemaakt.

Lily is nog steeds ontzettend gek op haar zusje en heel betrokken en behulpzaam, maar heeft nu een realistisch beeld van wat kán en wanneer het even niét kan, is ze een supertoegewijde poppenmoeder!

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*